Column Rob Kempees: Klimt het onderwijs uit het dal?
Column van Rob Kempees
Kort geleden hoorde ik iemand in het NOS-journaal commentaar geven op een actuele gebeurtenis. Ik weet niet meer waarover het ging en ik weet ook niet meer wie de commentator was. Wat ik onthouden heb, was dat hij het had over “de notabelen van onze samenleving zoals de notaris, de pastoor en de directeur van de basisschool”.
De directeur van de basisschool! Mijn hart maakte een sprongetje namens die pakweg 7000 mensen, waarvan een deel die avond waarschijnlijk ook een extra glaasje heeft gedronken. Het is ook te mooi om waar te zijn. Maak je deel uit van een sector die het imago heeft van ‘onderbetaald’ (behalve natuurlijk de externen die in altijd te grote aantallen aanwezig zijn), ‘incompetent’ (hahahaHBO), ‘suf’ (vrouwenberoep) en ‘slachtoffer’ (altijd speelbal van de politiek die iedere 4 jaar een stelselwijziging klaar heeft staan), word je na vele jaren ineens weer tot notabele verheven. Het kan verkeren! Zou het imago van het onderwijs - en van de schooldirecteur in het bijzonder - werkelijk uit het dal aan het klimmen zijn? En zo ja, welke factoren spelen daarbij dan de hoofdrol? Zijn dat vooral externe factoren of vooral interne? Het zal wel én-én zijn, maar aan die interne factoren kan het onderwijs zelf iets doen. Denk daarbij in de eerste plaats aan de sturingsmogelijkheden van de besturen en het management in het onderwijs. Maar let ook op het gevoel dat de medewerkers uit de sector zelf over hun positie en vak hebben en de wijze waarop zij dit uitdragen. Want daar is volgens mij nog een wereld te winnen.
De sector – de bonden voorop - heeft zozeer uitgedragen, dat het vak zo zwaar is en de beloning zo laag, dat men het imago deels zelf gecreëerd heeft. Maar misschien zijn we dus in de buurt van een kentering. Als een onverdachte persoon op een onverdacht moment de directeur van de basisschool als notabele neerzet, dan moet de weg omhoog zijn ingeslagen. Onderwijs en onderwijzers zullen weer stijgen in de achting van het Nederlandse volk. Extra geld is er nog niet, maar de sector maakt eerst nog schoon schip in eigen huis.
PO- en VO-besturen pakken hun zwakke scholen aan, de MBO’s gaan hun uiterste best doen om hun leerlingen voldoende lesuren aan te bieden en Doekle Terpstra zorgt ervoor dat de instellingen van InHolland nieuwe namen op de gevel krijgen (het ging om de ‘branding’ zei hij bij Nieuwsuur zonder met zijn ogen te knipperen). Kortom, ik ben optimistisch over de nabije toekomst! Nu moeten we er alleen nog voor zorgen, dat onze schooldirecteuren niet meer in één adem met de pastoor en de notaris worden genoemd. Dat doet toch wat afbreuk aan het verbeterde imago.
Rob Kempees

